Paul de Vries dacht eerst dat het een standaardcontrole was: weer een brief van de gemeente over vergunningen of brandveiligheid. Maar deze keer ging het over GACS. De vraag was simpel en tegelijk lastig: kan de vastgoedeigenaar aantonen dat de technische installaties (met een nominaal vermogen vanaf 290 kW) van zijn gebouw intelligent worden gemonitord, geanalyseerd en bijgestuurd? Voor Paul, beheerder van een kantoorgebouw uit 1994 met meerdere huurders, was dat precies het probleem. Er waren ooit systemen aangelegd, maar niemand kon nog met zekerheid zeggen of alles centraal meet, stuurt en registreert zoals de regelgeving vraagt.

Praktische vragen over GACS
Direct kwamen de praktische vragen:
- ‘Valt mijn pand hier wel onder?’
- ‘Gaat dit over de huurder of over mij als eigenaar?’
- ‘Moet ik echt alles vervangen?’
Niemand ‘voelt’ eigenaarschap
In de praktijk liep Paul vast op twee punten. Ten eerste: de verantwoordelijkheid ligt gebouwgebonden bij de eigenaar, terwijl de energierekening grotendeels via servicekosten bij huurders terechtkomt. Paul merkte dat de urgentie intern laag was: ‘Het voelt als een kostenpost waar wij weinig directe winst van zien.’ Ten tweede: de technische werkelijkheid was rommelig. Het gebouw had al jaren een basis-gebouwbeheersysteem, maar niet alles was aangesloten. Sommige ruimtetemperaturen werden lokaal geregeld, zonwering was deels handbediend en na meerdere verbouwingen was de installatie niet altijd mee aangepast. Het gevolg: comfortklachten (‘te koud in zaal 2, te warm in de hoekkantoren’) én onzekerheid of je dit kunt ‘aantonen’ richting bevoegd gezag.
Wel of geen onnodige sloop
Paul vroeg offertes op. Een installateur stelde al snel voor om het complete gebouwbeheersysteem te vervangen: nieuwe bekabeling, nieuwe regelaars, nieuwe thermostaten. Prijskaartje: fors, plus overlast voor huurders. Tegelijk wilde Paul geen risico lopen op aanwijzingen, hersteltermijnen en mogelijke boetes. Hij zocht een route die wél zekerheid gaf, maar niet automatisch betekende: alles eruit.
Via een branchecontact kwam hij in gesprek met D-TACS voor een onafhankelijke GACS-beoordeling. De insteek was helder: ‘Eerst via commissioning aantoonbaar maken wat er ís, dan pas bepalen wat er écht nodig is.’
Praktijkgerichte quickscan
D-TACS startte met een praktijkgerichte quickscan: een halve dag opname en een halve dag rapportage. Daarbij gebruikten ze vaste ‘scripts’ om gestructureerd alle GACS-vragen door te lopen: niet alleen afvinken, maar toetsen of systemen daadwerkelijk centraal communiceren en regelen.
Al in de eerste ronde werd een misvatting rechtgezet. Paul dacht dat het pand onder de grens bleef, omdat de dakinstallaties per stuk minder dan 290 kW waren. D-TACS rekende het totale opgesteld vermogen door: opgeteld kwam het gebouw wél boven de grens. ‘Het is niet per unit; het gaat om de optelsom van het hele systeem.’
Gerichte verbeterpunten
Vervolgens kwamen er gerichte verbeterpunten uit, zonder ‘strippen’:
- koppeling van bestaande ruimteregelingen aan het centrale systeem (geen ‘dummy’ bediening)
- optimalisatie van setpoints en regelstrategieën om tegelijk verwarmen én koelen te voorkomen
- zonwering opnemen in centrale aansturing (niet alleen knopbediening per gebruiker)
- controleren of eerdere indelingswijzigingen ook in luchtbehandeling en koelvermogen waren meegenomen
Als afronding leverde D-TACS een onderbouwd dossier op met meet- en systeeminformatie én een certificaat voor de aantoonbaarheid richting gemeente.
Rust, minder gedoe en een beter gebouw
Voor Paul was de grootste winst zekerheid. ‘In plaats van discussie met de gemeente konden we gewoon een certificaat indienen.’ De gemeente hoefde niet langs te komen, en huurders merkten direct verbetering: minder klachten over temperatuur en een stabieler binnenklimaat. Ook werd vooruitgekeken: als de drempel in 2030 verder omlaag gaat naar 70 kW, dan is dit gebouw er al op voorbereid. Immers als je een GACS installatie hebt aangelegd voor 290 kW geldt dat ook voor 70 kW.
Jaarlijkse ‘apk’
Paul vat het achteraf simpel samen: ‘We wilden voldoen zonder paniekverbouwing. Door eerst te meten en aantoonbaar te maken, bleken een paar slimme ingrepen genoeg.’ Zijn wens voor de komende jaren: het gebouw jaarlijks laten ‘apk-keuren’ via continuous commissioning, zodat het niet alleen compliant blijft, maar ook steeds efficiënter draait.
Herkenbaar?
Herken jij je als gebouweigenaar of -beheerder in dit verhaal? Natuurlijk kun je de GACS-checklist ook vinden op de website van de RVO en deze door een installateur laten nalopen. Maar daarmee weet je nog niet zeker of je installatie integraal goed functioneert, energie-efficiënt is ingeregeld en ook écht aantoonbaar voldoet richting bevoegd gezag. Commissioning door D-TACS gaat verder dan het afvinken van vragen: zij beoordelen de volledige keten van opwekking tot ruimteregeling, signaleren tegenstrijdigheden zoals gelijktijdig verwarmen en koelen en voorkomen onnodige vervangingen. Daarnaast levert D-TACS een onderbouwd dossier op met meet- en systeeminformatie én een certificaat waarmee je richting gemeente direct kunt aantonen dat jouw gebouw aan de GACS-verplichting voldoet.
Zekerheid zonder onnodige investeringen
Plan bij D-TACS een GACS-quickscan en krijg snel helderheid over de status van jouw gebouw, inclusief concreet advies, compleet dossier en officiële aantoonbaarheid richting gemeente. Neem vandaag nog contact op.